Oudemanhuispoort
Bejaardenhuis avant la lettre
De Oudemanhuispoort is feitelijk een steeg met aan beide zijden een poort en daartussen ook nog een poortje. De naam komt van het voormalig Oudemanhuis dat zich aan de noordzijde van de steeg bevond. Dit deel van het complex is in 1602 gebouwd in de boomgaard van het Oude nonnenklooster (Sint Mariënveldklooster)
Het Oudemanhuis is één van de voorzieningen die in Amsterdam zijn gesticht voor ouderen zonder kinderen. Een stad als Amsterdam kent meer opvang voor oude lieden, naast de hofjes zijn er zogenaamde proveniershuizen. Dit zijn plaatsen waar de beter gesitueerden zich kunnen inkopen. De echte arme oude lieden (zonder kinderen) zijn aangewezen op burenhulp en de openbare armenzorg. Mocht men zonder onderdak komen dan blijft helaas alleen bedelarij over.
Het Oudemanshuis is met een stichting in 1548 één van de oudste oude lieden huizen. Het is begonnen in de Kalverstraat als Oudemannen- en vrouwengasthuis. De mannen verhuizen als snel naar een gasthuis tegenover de Heilige stede, de plek van het huidige Amsterdam museum. Zoals veel andere stichtingen is dit niet voor de aller armste lieden zoals blijkt uit de bepaling dat men o.a. een goed bed, ruim beddengoed, twee stoelen en gordijnen moest meebrengen.
Om in het huis te kunnen wonen moest men poorter, ouder dan 50, ongehuwd en kinderloos zijn. Zoals gebruikelijk zijn er ook nogal wat bepalingen over gedrag en gehoorzaamheid.
De regenten voeren echter een vrij willekeurig beleid van opname en in de praktijk blijken ook anderen te worden toegelaten. Relaties en invloed spelen hierbij zeker een rol.
Eind 16e eeuw hebben zowel het oudemannenhuis, als het aangrenzende burgerweeshuis ruimte tekort. De oplossing wordt gevonden in een loterij ten behoeven van een nieuw te bouwen oude mannen- en vrouwenhuis.
Deze loterij is een groot succes en nieuwbouw wordt in 1600 gestart. De gebouwen zijn fraai uitgevoerd en gelegen rond een binnenplaats met siertuin en bleekveld. Bezoekers melden de bijzonder luxe uitstraling van dit huis bij de bouw. Bij een gravure van het gebouw valt te lezen: ‘je vraagt je af or er in dit schitterende gebouw koningen wonen? Het is een paleis voor armelui’
Reeds in 1614 wordt het complex als oude mannenhuis aangeduid terwijl er altijd (ook) vrouwen wonen. De maximale bezetting wordt eind 16e eeuw bereikt als er 200 oude mensen wonen, voorzien van kost en inwoning.
In 1754 wordt het huis uitgebreid verbouwd dan worden ook de poorten aan de beide zijden toegevoegd. De binnenpoort en de poort aan de zijde van de Kloveniersburgwal zijn ontworpen door Abraham van der Hart, stadsbouwmeester. Het beeldhouwwerk is van Anthonie Ziesenis. Het is een voorstelling van de Mildheid met de hoorn der overvloed, het boek der wijsheid en de lamp van inzicht. Geflankeerd door armoede en ouderdom. De poort aan de Oudezijds achterburgwal, is versiert met een bril als het symbool van ouderdom.
Doordat de boeken verloren zijn gegaan is de financiële gang van zaken niet geheel duidelijk. Uit verzoeken aan de burgemeesters blijkt echter een bijna permanent begrotingstekort. Door de economisch zware tijden wordt het huis in 1800 proveniershuis. De bedragen die men betaald lopen uiteen van 600 tot 2000 gulden. Door deze voorwaarden loopt het aantal bewoners snel terug. In 1831 wonen dan nog maar ‘een dertigtal’ oude lieden. Veel rust krijgen deze lieden echter niet van hun geld; rond deze tijd zoekt het stadsbestuur namelijk een plek voor het verplegen van de verwachte slachtoffers van van de cholera. Die ziekte verspreid zich vanuit het zuiden van Europa. Omdat het complex goed is af te zonderen van de rest van de stad kiest men voor het Oudemanhuis. De epidemie is minder heftig dan gevreesd want kort daarna wordt ook het museum Van der Hoop in het gebouw gevestigd. Wat er met de oude lieden gebeurd is niet bekend, zeker is dat zij niet terug kere. Delen van het huis worden ook gebruikt als hulphospitaal door het naast gelegen binnengasthuis en vanaf 1836 tot 1875 wordt het complex ook nog gebruikt door de Academie voor beeldende kunsten. Met als voorwaarde dat het complex ontruimd wordt als er een cholera epidemie dreigt. Het moge duidelijk zijn dat dit voor de nodige vrijving zorgt.
Vanaf 1877 krijgt Amsterdam een officiële universiteit. De Universiteit van Amsterdam wordt gevestigd in het Oudemanhuis en maakt daar tot op heden gebruik van. Ook de boekverkopers binnen de poort zijn al lange tijd actief, reeds 125 jaar geleden waren er boekwinkeltjes gevestigd.
Bronnen:
De Poort: de Oudemanhuispoort en haar gebruikers, 1602-2002
Het Amsterdams beeldenboek: vier eeuwen buitenbeelden (1600-heden)
Geschiedenis van Amsterdam: Deel I. Een stad uit het niets, tot 1578
Geschiedenis van Amsterdam, Deel II-1. Centrum van de wereld 1578-1650